jeukstaart

Door Dirk Geirnaert

In vroeger tijden was bier zowat overal de populairste drank. Omdat het bij de bereiding gekookt en gefilterd werd, was het veiliger dan water, dat vooral in de steden dikwijls vervuild was. De bierconsumptie was in de middeleeuwen dan ook hoog: men dronk in onze streken zo’n 300 liter bier per persoon per jaar. Het bier bevatte wel minder alcohol dan nu.

jeukstaart

Twee destijds populaire variëteiten waren de wagebaard en de jeukstaart. Hun naam geeft waarschijnlijk het effect aan dat het bier veroorzaakt: flinke inname doet de baard van de man fors wagen (bewegen) en zorgt na enige tijd voor een sterke plasdrang, dus voor een prikkelend of jeukend gevoel in de mannelijke ‘staart’.

Maar er zijn nog andere schilderachtige en intrigerende biernamen. Zo dronk men in Vlaanderen vroeger het lichte bier knol of knollaard, en wie liever wat stevigers wilde, kon in Gent om een krabbelaar of klauwaard vragen. En een lekkere goedale (‘goed bier’), wie zou die laten staan?